Direct naar content

Evaluatie Limburgse Biodiversiteitsmonitor

Sinds 2021 wordt in de provincie Limburg gewerkt aan het Uitvoeringsprogramma Natuurinclusieve Landbouw (NIL) Limburg. Binnen dit programma nemen momenteel circa tachtig agrarische bedrijven deel aan de Limburgse Biodiversiteitsmonitor, verdeeld over melkveehouderij en akkerbouw. In aanloop naar een voorgenomen opschaling vanaf 2026 is behoefte ontstaan aan een onafhankelijke evaluatie van de werkwijze, resultaten en strategisch advies voor verdere uitrol van de biodiversiteitsmonitor. 

Boerenverstand is gevraagd deze evaluatie uit te voeren, met als doel strategisch inzicht te bieden in wat werkt, waar knelpunten zitten en welke aanpassingen nodig zijn om de Biodiversiteitsmonitor op grotere schaal succesvol voort te zetten binnen dit beleidsprogramma. 

Betrokken partijen 

De evaluatie wordt uitgevoerd in opdracht van Stichting Natuurinclusieve Landbouw Limburg, in afstemming met het kernteam NIL en de provincie Limburg. 

Binnen de evaluatie worden verschillende perspectieven betrokken, waaronder: deelnemers aan de Limburgse Biodiversiteitsmonitor; bedrijfscoaches en projectleiders; Stichting Natuurinclusieve Landbouw Limburg; Provincie Limburg en andere betrokken organisaties binnen NIL zoals De Limburgse Land- en Tuinbouwbond (LLTB) en Wageningen University & Research (WUR). Deze brede benadering maakt het mogelijk om zowel inhoudelijke als procesmatige aspecten van het programma goed te beoordelen. 

Als bedrijf vervullen wij binnen dit project de rol van onafhankelijk evaluator, procesanalist en strategisch adviseur. De kracht van Boerenverstand ligt in de combinatie van wetenschappelijke onderbouwing, praktijkervaring op het boerenerf en inzicht in beleidsprocessen. Vanuit ervaring met KPI‑ontwikkeling, monitoring en doelsturing in meerdere provincies kan Boerenverstand de Limburgse aanpak plaatsen in een bredere context. 

Binnen dit project evaluatie zijn we verantwoordelijk voor: documentanalyse en organisatieverkenning; het uitvoeren van interviews en enquêtes; analyse van monitoring- en KPI‑data; het formuleren van conclusies en aanbevelingen; het opstellen van strategische plannen van aanpak voor opschaling en inspiratiebedrijven; de eindpresentatie aan het kernteam NIL en Bestuurlijk Overleg NIL. 

Aanleiding & context

Het uitvoeringsprogramma NIL is gestart 2021 naar aanleiding van het actieplan ‘Naar een natuurinclusieve landbouw in Limburg’. Het programma richt zich op het versterken van biodiversiteit en natuurinclusieve landbouw via onder meer de Biodiversiteitsmonitor en de pijler Bedrijf & Gebied. 

De evaluatie vindt plaats in aanloop naar een mogelijke opschaling binnen melkveehouderij en akkerbouw, en een eventuele uitbreiding naar andere sectoren zoals graasdierhouderij, boomteelt en fruitteelt (waaronder wijnbouw). De focus ligt daarbij nadrukkelijk op het procesmatige en organisatorische deel van het programma.  

De evaluatie heeft vier hoofddoelen: 

  • inzicht geven in de behaalde resultaten binnen de pijlers Biodiversiteitsmonitor en Bedrijf & Gebied; 

  • het identificeren van geleerde lessen en knelpunten in de uitvoeringspraktijk; 

  • het analyseren van de gehanteerde KPI/monitorings- en beloningssystematiek en de mate waarin deze aansluit bij recente inhoudelijke, technologische en beleidsmatige ontwikkelingen; 

  • het formuleren van aanbevelingen voor een effectieve opschaling vanaf 2026, inclusief benodigde randvoorwaarden en procesaanpassingen; 

  • het inventariseren van de behoefte en haalbaarheid van verdere opschaling binnen melkveehouderij en akkerbouw. 

Projectaanpak 

In de eerste fase is bestaande documentatie geanalyseerd, waaronder projectplannen, voortgangsrapportages, monitoringsdata en beleidsnotities. Parallel hieraan is de organisatie van het programma in kaart gebracht (rollen, processen, informatiestromen en afstemmingslijnen tussen betrokken partijen). 

In de tweede fase zijn interviews en gesprekken gevoerd met projectleiders, bedrijfscoaches, deelnemende ondernemers en ketenpartners. Daarnaast is een enquête uitgezet om ervaringen en knelpunten breder te toetsen. 

In de derde fase is de analyse van monitoringsdata ingezet, met aandacht voor KPIscores, puntengroei, deelnamepatronen en de werking van beloningsstructuren. Daarbij beoordelen we ook de gehanteerde KPI/monitorings- en beloningssystematiek en de mate waarin deze aansluit bij recente inhoudelijke, technologische en beleidsmatige ontwikkelingen. De uitkomsten worden gespiegeld aan ervaringen uit vergelijkbare trajecten buiten Limburg en vergeleken met bevindingen uit andere sporen. Op dit moment worden de rapportage en de eindproducten afgerond; vervolgens worden de resultaten gedeeld en gepresenteerd. 

Resultaten

De evaluatie levert de volgende producten op: 

  • een schriftelijke eindrapportage met analyse, conclusies en aanbevelingen, inclusief uitwerkingen van: (1) plan van aanpak implementatie van verbeteringen en opschaling, (2) plan van aanpak inspiratiebedrijven, en (3) duiding van de KPI/monitorings- en beloningssystematiek; 

  • een eindpresentatie voor het kernteam en Bestuurlijk Overleg NIL. 

De evaluatie biedt daarmee niet alleen een terugblik op de afgelopen jaren, maar vooral een onderbouwde basis voor toekomstbestendige doorontwikkeling van de Limburgse Biodiversiteitsmonitor.  

Op basis van de analyse kunnen de volgende constateringen en leerpunten worden benoemd: 

  • De monitoring in de melkveehouderij vraagt een andere aanpak dan in de akkerbouw: bij melkvee zien we vooral uitdagingen en ontwikkelingen rond de KPIsystematiek en het stimuleren van veranderingen bij deelnemers; in de akkerbouw ligt de prioriteit bij het efficiënt ophalen van consistente, betrouwbare data bij deelnemers. 

  • De KPIsystematiek zoals die de afgelopen drie jaar is gebruikt sloot goed aan bij de stand van zaken en inzichten van dat moment. Tegelijkertijd laten recente ontwikkelingen zien dat er verbeterpunten zijn, die we in de aanbevelingen uitwerken. 

Verdere (aanvullende) inzichten worden eerst besproken en gedeeld met de betrokken partijen; na deze afstemming worden de resultaten verwerkt in de eindrapportage en waar passend online gepubliceerd. 

Vervolg  

De combinatie van meerjarige monitoring, praktijkervaring en effectmetingen vormt een inhoudelijke basis voor de evaluatie en opschalingsbesluiten in 2026. De analyse die nu wordt uitgevoerd en de aanbevelingen die daaruit voortkomen helpen om de natuurinclusieve landbouwmonitors verantwoord op te schalen en waar relevant te verbreden, met heldere inzichten in wat werkt. Daarmee ontstaat ook een stevigere basis voor toepassingen die deze inzichten benutten, bijvoorbeeld om positieve ontwikkelingen zichtbaar te maken en bedrijven die aantoonbaar bijdragen passend te erkennen en te belonen. 

Contact 

Meer weten over dit project of hoe wij strategisch kunnen mee denken aan beleidsprogramma’s? 

Quinten van Boxtel, consultant akkerbouw en melkveehouderij, quinten@boerenverstand.nl